Gestreepte kogelvingergekko

Gonatodes vittatus

Gonatodes vittatus

Herkomst: Trinidad & Tobago, Aruba, Venezuela
Afmetingen: Kopromplengte 4 cm – Totale lengte 8 cm
Klimaatgegevens: Temperatuur overdag 25-30°C, ‘s nachts 20-22°C, daglengte 12 uur. Er is sprake van een natte periode van juni tot november. Relatieve luchtvochtigheid overdag 50-70% en ‘s nachts 80-90%.
Biotoop: een bewoner van het secundair tropisch regenwoud, cocosplantages en gebouwen. Ze leven daar op stammen van bomen (0-0,5m boven de grond), gebouwen, rotsen en in de strooisellaag.

Ferguson zone: 1-2
Geslachtsonderscheid: Het geslachtsonderscheid is eenvoudig aan de kleur van de dieren te zien. Mannen hebben een witte streep met zwarte randen over de rug, op een verder donkergrijze grondkleur. De keel bij de mannen is geel of zwart-wit gestreept. Daarnaast hebben mannen glanzende schubben op de preanale regio en onderkant van de staartbasis. Vrouwen zijn overwegend bruin met soms een vage lichte streep over de rug.
Voortplanting: Het vrouwtje legt de eieren meestal op een verborgen plaats, zoals onder schors of in de strooisellaag. Meestal worden er 5-6 legsels per jaar gelegd, met tussenperioden van 2-3 weken. Je kunt ervoor kiezen de eieren apart uit te broeden (incubatietemperatuur tussen 24-27°C, eieren komen na 75-90 dagen uit). Kweek de jongen bij voorkeur solitair op, ze vertonen onderlinge territorialiteit, waaronder snel onderdrukking van het zwakke dier optreedt.

Terrarium
Minimale afmetingen: Oppervlakte: Een koppel: 0,25 m2 (50×50 cm) – Hoogte: 50 cm (hoger is beter)
Soort terrarium: Tropisch bosterrarium
Verlichting: TL en UV lamp in lichtkap. Plaats een spot voor lokale warmte, nodig voor thermoregulatie. Er zijn diverse typen UVB Lampen beschikbaar, waarbij er ook combinatie lampen zijn die zowel UVB licht als warmte afgeven. Raadpleeg de rubriek over UVB- verlichting voor advies over de juiste lamp voor uw dier. Ferguson zone: 1-2
Bodem: Cocopeat of iets vergelijkbaars.
Wandbekleding: Zij- en achterwanden van kurk, schors of zelfgebouwd. De dieren gebruiken voornamelijk de wanden en takken in de bak als zitplaats en gebruiken de bodem vooral om te foerageren.
Inrichting: Veel takken en echte planten, waarin de dieren ook kunnen schuilen.
Aantal dieren: Alleen of per paar huisvesten; jongen individueel opkweken.
Luchtvochtigheid: Relatieve luchtvochtigheid overdag 50-70% en ‘s nachts 80-90%.

Water: Sproei ’s avonds om de luchtvochtigheid in de nacht omhoog te brengen.
Voedsel: Twee- tot driemaal per week is over het algemeen voldoende, alleen in de voortplantingstijd heeft het vrouwtje meer nodig. Opgroeiende jongen doen het het beste wanneer ze dagelijks kleine porties krijgen. Voor wat betreft voedseldieren is variatie belangrijk. Weideplankton, kleine krekels, kakkerlakken, tropische pissebedden en springstaarten, bonenkevers en fruitvliegen zijn geschikt. Voederdieren dienen te worden gegutload door deze uiterlijk 12uur van te voren voedsel te geven, hiervoor kunt u commercieel verkrijgbare insectenvoeders gebruiken maar ook groenten resten of geweekte kattenbrokjes (voor krekels).
Voedingssupplementen: De voedseldieren kunnen het beste bepoederd met kalkvitaminepreparaat worden aangeboden. Daarnaast is het aanbieden van een Calciumpreparaat (bijvoorbeeld CaCO3) in een schaaltje aan te bevelen.

Literatuur:
Bruse, F., Meyer, M. en W. Schmidt, 2005. Praktijkraadgever daggekko’s. Edition Chimaira, Frankfurt am Main. Röll, B., 2009. Neotropische Taggeckos (Gonatodes albogularis, Gonatodes fuscus & Gonatodes vittatus). Natur und Tier-Verlag, Münster.

Nota bene: Raadpleeg bij gezondheids- problemen altijd een dierenarts!